Nieuwe bloemlezing van Ingmar Heytze

zz_de_veertig_van_heytze_npe_100Onlangs verscheen De veertig van Heytze – een bloemlezing met Ingmar Heytze‘s veertig favoriete gedichten  van andere dichters. Vooral uit Nederland en Vlaanderen, maar ook enkele – vertaalde – poëmen uit het Schotse, Tsjechische, Poolse, Engelse en Amerikaanse. Die bovendien door Heytze stuk voor stuk van een enthousiasmerende inleiding voorzien zijn. Hulde! Dit is een boek dat je met gerust hart aan zowel jong potentieel poëziepubliek als aan stokoude dichtliefhebbers kan voorschotelen.

Zie het NPE-lemma over dit boek:

 www.nederlandsepoezie.org/jl/2014/
zz_de_veertig_van_heytze.html

Toch zijn er – zoals bij elk boek – een paar kleine kritiekpuntjes. Heytze verwijst in de inleidingen regelmatig naar Gerrit Komrij, de bloemlezer.  Dat is begrijpelijk, maar tegelijk een beetje misleidend, want ook Komrij kwam niet uit de lucht vallen. Zonder de werkzaamheden van bloemlezers als b.v. een Victor E. van Vriesland (De Spiegel), een J.N. van Hall (Dichters van dezen tijd), een Jan Greshoff (o.a. Kent uw dichters!) of een D.A.M. Binnendijk  (ook Dichters van dezen tijd) had waarschijnlijk nooit iemand van Komrij de bloemlezer gehoord.

Een van de mythes rond (Komrij’s) bloemlezingen herhaalt Heytze met: “Bij De Dikke Komrij, voluit Komrij’s Nederlandse poëzie van de 19de t/m de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten, gaat het er niet alleen om óf je erin staat, maar ook met hoeveel gedichten. Elke dichter weet dat van zichzelf. Van al zijn vijanden weet hij het ook, vooral als die er met méér gedichten in staan. Het maximale aantal is tien.”

Dat laatste klopt niet. Want Jacob Israël de Haan (1881-1924) is met maar liefst vijftien gedichten in De Dikke Komrij opgenomen (ed. 2004). En ook zou bij het verhalen over bloemlezingen het aantal gedichten per dichter afgezet moeten worden tegen het aantal pagina’s.  Zo neemt het ene gedicht van Mustafa Stitou in de Spiegel (ed. 2005) bijna evenveel ruimte in als de zes gedichten van Gerard Reve en in de Komrij beslaan de vijf gedichten van Fritzi Harmsen van Beek meer ruimte dan de acht van Ilja Leonard Pfeijffer. Zie ook:  www.epibreren.com/rs/canon.html voor meer vergelijkend bloemlezingenonderzoek.

——————————————

Dit bericht is onderdeel van de  Nederlandse Poëzie Encyclopedie
Geplaagd door geldoverlast? Adopteer een dichter!

Partners: Poëziecentrum Gent | Ensafh | Neder-L |
Poëziecentrum Nederland | Perdu |  Poëzieweek | 

Dit bericht is mede mogelijk gemaakt door:

      lira_fonds_100

This entry was posted in 2014, Algemeen poëzienieuws, Bloemlezingen, Nieuwe NPE-lemma's. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published.